Dichter: Deubel, Frits (overl. 04-03-2017) Er staat copyright op dit gedicht. U mag dit gedicht alleen verspreiden als u de auteursnaam vermeldt. U mag naast de auteursnaam ook de bron vermelden: www.gedichtensite.nl
Submit to FacebookSubmit to Twitter
In deze stille tijden,
voorafgaand aan de grootse dag,
dat men eens op de aarde
de Zoon van God verschijnen zag,
krijg ik een beeld voor ogen,
dat ook vandaag de ster verrijst,
die naar de Koning Jezus
en onze Zaligmaker wijst.
 
Weer zie ik op de velden
gelovigen tot Jezus gaan,
met al hun zorg en blijdschap
rondom hun Heer en Heiland staan.
Van Hem verwachten zij thans
een weinig vrede, vreugd en kracht,
begrip voor al hun pijnen
in de vaak droeve lijdensnacht.
 
Er zijn er die zwaar lijden
onder een hevig schrikbewind
en anderen niet weten
of er nog wel een dag begint.
Zij allen roepen wenend:
”Heer, U bent toch de Levensvorst,
de Vriend vol rust en vrede,
waarnaar ons hart verlangend dorst!”
 
En zien wij naar het Westen,
dan leven wij in overdaad.
Ondanks belastingstrubbels,
er elke dag een maaltijd staat.
Maar ook in dit, ons landje,
is er vaak onverwerkt verdriet.
In onze kring niet altijd
men van elkaar de zorgen ziet.
 
Voor alle mensenkind’ren,
straalt ook vandaag de held’re ster.
Zie, velen komen nader,
ontelbaren, van heind’ en ver.
En Jezus wenkt ze zeeg’nend,
die lange, lange, stille rij.
Met uitgespreide armen 
zegt Hij:”Mijn kind, Ik ben nabij!”