Dichter: Mul, Jan Er staat copyright op dit gedicht. U mag dit gedicht alleen verspreiden als u de auteursnaam vermeldt. U mag naast de auteursnaam ook de bron vermelden: www.gedichtensite.nl
Submit to FacebookSubmit to TwitterSubmit to LinkedIn
De priester heeft gewoon gedaan
wat in de wetten stond te lezen,
hij heeft er nooit bij stilgestaan,
dat dit het Offerlam zou wezen.

Geen schriftgeleerde was er bij,
om iedereen te laten weten,
dat nu gebeurde wat God zei,
dat dit Kind Zoon van God zou heten.

Geen koning heeft zich laten zien,
hier viel niets koninklijks te groeten,
die arm als Job was bovendien,
wie wil er nu zo'n kind ontmoeten?

Maar even later: kijk, daar kwam
een man die zag wat zij niet zagen,
die 't kind van d' ouders overnam
en het op handen heeft gedragen.

Hij loofde God om wat hij zag;
de zoon van God als mens geboren
van 't Kind dat in zijn armen lag,
liet hij Gods Woord aan ieder horen.

Hij sprak van licht en heerlijkheid,
door 't Kind dat zonder schuld wou lijden
God toont zijn liefde wereldwijd
in 't grootst geschenk van alle tijden.