Dichter: Yiooda Er staat copyright op dit gedicht. U mag dit gedicht alleen verspreiden als u de auteursnaam vermeldt. U mag naast de auteursnaam ook de bron vermelden: www.gedichtensite.nl
Submit to FacebookSubmit to TwitterSubmit to LinkedIn

Als ik de taal van een engel sprak,
en het mij aan liefde ontbrak.
Dan gelijk ik wél op een fluit,
met veel geblaas en geen geluid!
 -
Al wat ik heb, is voor de armen,
diep van binnen, geen erbarmen.
Dan baat het niets, wat ik ook doe,
't is voor de Heiland; dát doet er toe!
 -
Gaf 'k mijn leven tot onderpand,
om zelfs tot as te zijn verbrand!
Het baat mij niets, want zonder lief,
ben ik een harteloze dief.
 -
' k Moet met liefde meer gaan hand'len,
dan zal 'k in Zijn waarheid wand'len.
Met Zijn hulp die het alles draagt,
Hij staat al klaar, ook ongevraagd.
 -
Dan mag ik gaan profeteren,
tot Hij komt en 't tij gaat keren.
't Alles is nú onvolkomen,
't volmaakte is er wél in dromen.
 -
Als wij niet worden als een kind,
zegt de Heiland: "Nee nee, mijn vrind!"
Nu tasten wij steeds als blinden,
dan niet meer, niets kan ons hind'ren.
 -
Ook alles wat is misgegaan,
wordt dan volkomen weggedaan.
Hoop, Geloof en Liefde winnen,
al het andere zal vergaan,
 -
maar de Liefde blijft bestaan!

1 Corinte 13 vers 1 t/m 13.