Dichter: Klaauw, Aad van der Er staat copyright op dit gedicht. U mag dit gedicht alleen verspreiden als u de auteursnaam vermeldt. U mag naast de auteursnaam ook de bron vermelden: www.gedichtensite.nl
Submit to FacebookSubmit to TwitterSubmit to LinkedIn

Veertig dagen na Pasen
was Zijn werk hier klaar.
Op het hoogtepunt van Zijn zending,
keek Hij naar boven,
en hief de handen omhoog.
Zegenend nam Hij afscheid.
Een wolk om hem heen.
Twee mannen in witte gewaden spraken tot de leerlingen :
“wat staan jullie naar de hemel te kijken!”,
Jezus zal op dezelfde manier terugkomen.


De apostelen keerden terug naar de tempel
om te bidden en God te loven.
Op de Olijfberg, ooit één van Zijn geliefde plaatsen,
voer Hij naar de hemel.
Nu zit Hij aan Gods rechterhand.
Maar Hij komt weer,
als een dief in de nacht.

De kerk begon. 
De kerk bestaat nog.
Die kerk zijn wij,
met elkaar, met alle volken
op aarde.
Wij hoeven niet meer
omhoog te staren.
Wij moeten kijken,
naar de mensen ons heen.
En dat doen wij niet alleen.