Dichter: Linde-Altena, Tiny van der Er staat copyright op dit gedicht. U mag dit gedicht alleen verspreiden als u de auteursnaam vermeldt. U mag naast de auteursnaam ook de bron vermelden: www.gedichtensite.nl
Submit to FacebookSubmit to TwitterSubmit to LinkedIn
Allen, allen hebben U verlaten.
U moet verder, helemaal alleen.
Och, waar kan U anders heen?
Wat anders doen dan nog even
met uw Vader praten?

Drie vertrouwelingen, drie metgezellen.
Zijn verder met U de hof in gegaan,
door slaap overmand lieten ze U staan.
niemand die U op die zware tocht
nog zou vergezellen.

Uw Vader wist wel van uw lijden.
Bij Hem alleen kon U nog in gebed terecht.
Aan Hem hebt U alles nog eens uitgelegd
en gevraagd: Och Vader, kunt U me niet
van deze bittere drinkbeker bevrijden?

Toen U deze bede had uitgesproken,
Was daar een leger om U heen
Hun harten vol haat en koud als steen
Zelfs één was er die U met
een valse kus heeft aangesproken.

U moest voor het gerecht verschijnen.
Daar werd U gehoond, geslagen en bespot.
Ze geloofden daar niet in de Zoon van God.
En wilden dat U uit
hun wereld zou verdwijnen.

U werd als een lam ter slachting gebonden.
Meegevoerd naar het Sanhedrin.
Uw vrienden mochten er niet in.
Ze hebben U alleen
schuldig bevonden.

Helse pijnen moest U lijden.
Voor een wereld vol zonden en schuld.
Heel uw hart was tot schreiens toe vervuld.
om hen die zich in uw pijn en
verdriet zouden verblijden.

Groot was uw offer voor deze wereld.
voor de bevrijding van een mensenhart.
Vol van weemoed, overvol van smart.
Hebt U met uw kruisdood de verzoening
met God voor de mensen bezegeld.